Ruimte geven aan wat ruimte nodig heeft
Ruimte geven aan wat ruimte nodig heeft
Voor je ligt het werkboek dat hoort bij de Gids voor Ouders van Vallei Praktijk voor Systemisch Bewustzijn. Het is een aanvulling op wat je in de gids hebt gelezen: concreet, praktisch, en bedoeld om mee te werken. Want lezen alleen verandert niets. Doen wel.
Toen ik meer dan 16 jaar geleden de diagnose van onze zoon in ontvangst nam, hakte dat er in. We hadden geen idee wat dit voor ons gezin, onze relatie en onze kinderen zou betekenen. Ik weet nog hoe het voelde om dat woord te lezen, en hoe weinig ik begreep van wat het zou betekenen. Niet alleen voor onze zoon, maar voor ons als gezin. Voor mij als vader. Voor mijn partner. Voor onze andere kinderen.
Wat ik nu weet, wist ik toen niet. En dat heeft ons veel gekost. Niet omdat we het verkeerd deden. We deden wat we konden, met wat we hadden. Maar ik was blind voor de patronen die ik zelf meebracht. Voor de manier waarop mijn eigen herkomst bepaalde hoe ik reageerde. Voor de rol die ik onbewust innam, en de rollen die ik daarmee aan anderen oplegde.
Als ik dit werkboek eerder had gehad, had ik mijn rol als vader en partner veel bewuster kunnen invullen. Dan was niet alleen onze zoon, maar ook mijn partner en onze andere kinderen veel naars bespaard gebleven. Wat ik nu op de moeilijke manier moest leren. Dat is geen zelfverwijt. Het is een eerlijke terugblik. En het is de reden waarom ik dit maak.
Want dat is precies wat er in veel gezinnen met een kind met autisme gebeurt: het autisme neemt alle ruimte in. Niet bewust. Niet gewild. Maar het is er. Alle aandacht, alle gesprekken, alle energie draaien eromheen. En ondertussen verdwijnt de ruimte die jij als ouder nodig hebt om er ook voor jezelf te zijn. Voor je partner. Voor je andere kinderen. Voor wie je eigenlijk bent, los van de zorg.
De drie oefeningen in dit werkboek zijn ontwikkeld vanuit mijn ervaring als systemisch begeleider én als vader. Ze helpen je zichtbaar te maken wat je onbewust drijft, en wat je tegelijkertijd beperkt om volledig aanwezig te zijn vanuit je kern. Niet als methode, niet als stappenplan. Als spiegel. Want zolang het autisme bepaalt hoeveel ruimte er is, verlies je de ruimte die nodig is om er ook voor jezelf, voor je partner en voor je andere kinderen te zijn.
Het gaat niet om de veelheid van oefeningen. Het gaat om de diepte ervan. Eén oefening heeft direct effect, omdat ze iets concreets en tastbaars zichtbaar maakt. De andere twee vragen om herhaling, omdat ze een totaal andere manier van kijken van je vragen dan je gewend bent. Dat went, maar het vraagt tijd en geduld.
Alles wat tijdens het maken van de oefeningen opkomt, is informatie. Ook als dingen echt niet lukken. Ook als er weerstand opkomt. Leg zoveel mogelijk vast, zodat je er later, met meer afstand, op terug kunt keren.
Er is in jou veel wat om aandacht vraagt, maar wat je wegdrukt. Het moet eraan wennen om ruimte te krijgen. Soms is het vertrouwen er niet dat het dan goed behandeld wordt. Dat is begrijpelijk. Dit soort veranderingen hebben tijd nodig. Als jij die tijd geeft, komt precies dat wat in jou gehoord wil worden tevoorschijn. En als je daarmee leert werken, zal zich dat uitbetalen in de rust, ruimte en richting die jou, je partner en je gezin zo nodig hebben.
Ik wens je als ouder wijsheid, liefde en de kracht toe om niet alleen voor je kind, maar ook voor jezelf, je partner en je andere kinderen te zorgen. Jullie zijn het, stuk voor stuk, allemaal meer dan waard.
Martijn Euyen · Vallei Praktijk voor Systemisch Bewustzijn
Dit werkboek is geen boek om te lezen. Het is een boek om te doen. Dat is een wezenlijk verschil.
De drie oefeningen zijn bewust in volgorde geplaatst. Begin bij oefening 1 en werk van daaruit verder. Doe niet meer dan één oefening per week. Niet omdat je het niet aankan, maar omdat integratie tijd vraagt. Wat je in een oefening ziet, moet kunnen landen voordat je verdergaat.
Schrijven in dit document of in een eigen schrift. Sommige mensen schrijven hun antwoorden direct in dit document. Anderen gebruiken liever een eigen opschrijfboekje. Beide werken goed. Zeker als je de oefeningen herhaalt (en dat is bij oefening 2 en 3 uitdrukkelijk de bedoeling) kan een eigen schrift heel handig zijn. Je kunt dan terugbladeren en zien hoe je blik in de loop van de tijd verschuift. Wat je op dag één schrijft, kan er na een maand heel anders uitzien. Dat verschil is zelf al waardevolle informatie.
Er zijn geen goede of foute antwoorden. Wat je schrijft, is voor jou. Niet voor een begeleider, niet voor je partner, niet voor wie dan ook.
Schrijven is zien. Wat je opschrijft, bestaat. Wat je in je hoofd houdt, blijft ronddraaien. Schrijf ook wat ongemakkelijk voelt. Juist dat verdient aandacht.
Wat je nodig hebt: pen en papier of dit document, een rustige plek, en 20 tot 30 minuten ongestoorde tijd. Zet je telefoon weg. Maak een kop thee. Geef jezelf dit.
Geef het autisme zijn plek, en neem de jouwe terug
In veel gezinnen met een kind met autisme is er een onzichtbare verschuiving ontstaan: het autisme heeft de centrale plek ingenomen. Niet bewust. Niet gewild. Maar het is er. Alle energie, alle aandacht, alle gesprekken draaien eromheen. En jij, als ouder, bent ergens langs de zijlijn beland.
Systemisch gezien is dit een verstoring van de orde. Niet het kind, niet de diagnose, maar de ouders horen aan het hoofd van het gezinssysteem te staan. Deze oefening maakt dat zichtbaar, letterlijk en figuurlijk. Ze heeft direct effect, omdat ze iets tastbaar maakt wat je tot nu toe alleen voelde.
Uitbreiding: je kunt deze oefening ook doen met andere thema's of personen: denk aan je (ex-)partner, je andere kinderen, of een situatie die veel ruimte inneemt in je hoofd. Het principe is hetzelfde: geef het een plek, ga er tegenover staan, en merk op wat er in je lichaam gebeurt. Merk het op, zonder oordeel. Schrijf het op. Laat het los. En keer er later, als je wilt, eens naar terug om te zien of er iets veranderd is.
Het kan zijn dat de woorden niet willen komen. Dat je ze wel uitspreekt, maar er niets bij voelt. Dat is geen mislukking. Dat is informatie. Het betekent dat er iets in jou is dat nog niet klaar is om te erkennen wat er is. Schrijf dat op. Dat is precies zo waardevol als wat je wél voelde.
Het kan ook zijn dat er meer emotie opkomt dan verwacht. Dat is goed. Laat het er zijn. Je hoeft er niets mee te doen. Schrijf op wat er was, en kom er later, met meer afstand, op terug.
Wat heb je meegekregen over zorg, en wat wil jij doorgeven?
Achter elk patroon schuilt een loyaliteit. Achter elke loyaliteit schuilt een liefde. En achter die liefde schuilt vaak een kracht die al generaties oud is.
De manier waarop jij nu zorgt voor je kind, is niet alleen jouw keuze. Ze is gevormd in het gezin waar jij zelf opgroeide. Hoe werd er in jouw ouderlijk huis omgegaan met zorg? Met opoffering? Met grenzen stellen? Als jij als kind hebt geleerd dat liefde gelijkstaat aan jezelf wegcijferen, dan is dat de maatstaf geworden waarmee je nu je eigen ouderschap meet. Niet bewust. Maar wel voelbaar.
Deze oefening vraagt een andere manier van kijken dan je gewend bent. Niet naar je kind, maar naar jezelf. Niet naar nu, maar naar vroeger. Dat went, maar het vraagt herhaling. Doe haar meer dan één keer. Elke ronde brengt iets nieuws naar boven.
Deze oefening roept soms loyaliteitsconflicten op. Je wilt je ouders niet bekritiseren. Je wilt niet ondankbaar zijn. Dat is begrijpelijk. Maar kijken naar wat je meegekregen hebt, is geen oordeel. Het is herkenning. En herkenning is het begin van vrijheid.
Als de oefening niet wil vlotten, leg haar dan weg en kom er de volgende dag op terug. Wat er dan opkomt, is vaak helderder dan wat er in het moment was. Schrijf ook dat op. Het moment van terugkeren is zelf al informatie.
Zeven dagen bewust kijken naar jouw plek in het gezin
Inzicht is één ding. Verandering is iets anders. Wat je in de eerste twee oefeningen hebt gezien, heeft tijd nodig om te landen, en om door te werken in hoe je je dag beleeft. De weekreflectie is daarvoor bedoeld.
Elke dag stel je jezelf drie korte vragen. Niet om te analyseren, maar om te observeren. Zonder oordeel. Zonder actieplan. Gewoon kijken wat er is. Na zeven dagen kijk je terug op de week als geheel. Doe deze oefening bij voorkeur in een eigen schrift, zeker als je haar vaker wilt herhalen. Zo kun je terugbladeren en zien hoe je blik verschuift.
Stel jezelf elke avond deze drie vragen. Schrijf op wat er opkomt, ook als het weinig is.
Sommige dagen lukt het niet. Je bent te moe, te druk, te vol. Dat is geen reden om te stoppen. Het is informatie. Schrijf dan alleen dat op: "Vandaag lukte het niet. Ik was te..." Dat is genoeg. Dat is ook kijken.
Alles wat tijdens het maken van de oefening opkomt, is informatie. Leg zoveel mogelijk vast, zodat je er later, met meer afstand, op terug kunt keren.
Je hebt drie weken gewerkt. Drie oefeningen gedaan. Dingen gezien die je misschien liever niet had gezien. En dingen gevoeld die er al lang waren, maar nog nooit zo duidelijk aanwezig waren.
Dat is niet niets. Dat is eigenlijk heel veel.
Systemisch gezien is dit het moment waarop iets zichtbaar is geworden. Niet alles, maar genoeg om te weten dat er meer is. Wat zichtbaar is, kan veranderen. Wat verborgen blijft, niet.
De vraag is nu niet: wat moet ik doen? De vraag is: wat vraagt dit van mij? Dat is een wezenlijk ander vertrekpunt, en een veel vruchtbaarder een.
De oefeningen in dit werkboek hebben je iets laten zien. Een patroon. Een loyaliteit. Een plek die je al lang niet meer inneemt. Dat is waardevol. Maar er zijn dingen die pas zichtbaar worden als iemand meekijkt, niet om te oordelen, maar om te zien wat jij vanuit je eigen systeem niet kunt zien. Dat is geen zwakte. Dat is hoe systemen werken. We zijn allemaal blind voor een deel van onszelf.
Waarom een Patroonscan? Omdat begrijpen niet hetzelfde is als veranderen. Je kunt precies weten wat er speelt, en toch steeds weer in hetzelfde patroon belanden. Dat komt niet door gebrek aan inzicht. Het komt doordat patronen geworteld zijn in het systeem waar je uit voortkomt. Ze zijn niet bedacht, ze zijn overgeleverd. En ze veranderen pas als ze gezien worden in de context waar ze vandaan komen. Een Patroonscan maakt dat systeem zichtbaar: wie nam welke plek in, welke loyaliteiten spelen er, wat is er doorgegeven dat jou nu, als ouder, beperkt? Één gesprek van anderhalf uur, een persoonlijk rapport, en een helder beeld van wat er speelt. Niet als diagnose. Als spiegel.
Waarom een volledig traject? Omdat zien het begin is, niet het einde. Patronen die generaties oud zijn, lossen niet op door er eenmaal naar te kijken. Een traject bij Vallei Praktijk geeft je de ruimte om duurzaam te werken met wat je hebt gezien. Door middel van individuele begeleiding en opstellingswerk, waarbij patronen niet alleen benoemd maar ook gevoeld en verschoven worden, ontstaat er echte verandering. Niet door harder te proberen, maar door anders te staan in wat er is. Ouders die een traject doorlopen, merken dat ze niet alleen rustiger worden in zichzelf, maar dat het hele gezinssysteem begint te ademen. Dat is wat systemisch werk doet: het raakt de kern, niet de symptomen.
Benieuwd of een Patroonscan bij jou past? Plan een gratis kennismakingsgesprek in, zonder verplichtingen, wel met eerlijkheid over wat je kunt verwachten.
Je hebt het goed gedaan. Nu mag je anders vasthouden.